Congres 110 in Breda

Moties & Amendementen

AM 110.01

Voorstel duurzame partijfinanciëring

Indiener
Marco Frijlink e.a.
Woordvoerder
Marco Frijlink
Stemadvies
Ontraden
Resultaat
Vervallen

Huidige tekst

- Afdelingen naar rato van vermogen met aftrek van de bestemmingsreserves geld overmaken naar de landelijke partij om de weerstandsreserve op te hogen naar het gewenste niveau (50% van de kostenvoet van de begroting 2020);


- afdelingen sluitende meerjarenbegrotingen moeten opstellen, ten minste tot aan de volgende gemeenteraadsverkiezingen of indien van toepassing tot aan de herindelingsverkiezingen, waartoe een apart voorstel voor een HR-wijziging is gedaan;


- afdelingen in financieel zeer zwaar weer vervolgens, op voordracht van het relevante regiobestuur en in overleg met de financiële commissie, aanspraak kunnen maken op de centraal aangehouden weerstandsreserve;


- het Landelijk Bestuur alleen van deze weerstandsreserve gebruik kan maken in geval van financieel zeer zwaar weer en/of continuïteitsrisico’s voor de landelijke partijorganisatie;


- het Landelijk Bestuur hiertoe de Financiële Commissie om advies kan vragen;


- de weerstandsreserve altijd weer wordt aangezuiverd tot op het met de financiële commissie afgesproken niveau;


- afdelingen hun vrijgespeelde algemene reserve naar eigen inzicht kunnen uitgeven aan ledenwervingsactiviteiten of verkiezingscampagnes;


Voorgestelde tekst

- het landelijk bestuur op een volgend congres met een voorstel komt dat erop is gericht in geval van nood snel de beschikking te kunnen krijgen over (voldoende) decentrale reserves, in samenhang met de andere voorstellen over partijfinanciën die het in voorbereiding heeft;


- het landelijk bestuur zelf gaat werken aan het opbouwen van voldoende centrale reserves;


- het landelijk bestuur op een volgend congres met een voorstel komt om te komen tot een solidariteitsfonds voor afdelingen, te financieren door afdelingen en regio’s, op vrijwillige basis in die zin dat de afdelings- en regio vergaderingen daarmee dienen in te stemmen;


Toelichting indiener

- het voorstel van het landelijk bestuur beoogt € 500.000 zorgvuldig bij elkaar gespaarde reserves van afdelingen en regio’s naar landelijk over te hevelen;


- het veronderstelde probleem is niet is dat er te weinig reserves zijn, maar dat ze in geval van nood mogelijk niet snel genoeg beschikbaar kunnen worden gemaakt op landelijk niveau. Daar zijn praktischer oplossingen voor te bedenken;


- er is geen dwingende (externe) reden is om dit nu acuut op te lossen;


- het ‘probleem’, zou ook zou kunnen worden opgelost door nog een paar jaar prudent financieel beleid op landelijk niveau;


- de oplossing die het landelijk bestuur nu voorstelt is erger dan de kwaal: er wordt lang gespaard geld afgepakt van de afdelingen, nog zonder dat daar een noodzaak voor is;


- de voorgestelde verdeling van de bijdrage per afdeling / regio is heel arbitrair, want afhankelijk van de toevallige manier waarop de reserves zijn geboekt, waardoor er grote verschillen tussen afdelingen en regio’s ontstaan;


- het voorstel is een open-einde-regeling, omdat volgens het voorstel ‘de weerstandsreserve altijd weer wordt aangezuiverd (…)’;


- met de afdelingen en regio’s valt best te praten over een soort solidariteitsfonds voor afdelingen die in zwaar weer zitten, maar dit voorstel voorziet daarin nauwelijks.

__________________________________________________________________________________________________

Toelichting van het Landelijk Bestuur:

Het amendement haalt de kern uit het voorliggende congresvoorstel, namelijk dat er één centrale weerstandsreserve voor de hele vereniging D66 komt. In plaats daarvan vraagt het amendement om voorstellen die nu al kunnen. D66 is één vereniging en zodoende heeft het landelijk bestuur al de bevoegdheid én de mogelijkheid om - in geval van nood - te beschikken over al het geld dat in de vereniging aanwezig is. De hoofdboodschap van het congresvoorstel is nu juist dat we niet willen wachten op barre tijden, maar erop voorbereid willen zijn door middel van een robuuste oplossing. 

Voorts roept het amendement het landelijk bestuur op tot het zelf gaan werken aan het opbouwen van voldoende centrale reserves. Dit doet het landelijk bestuur al jaren op rij en dat heeft geleid tot een reserve ter grootte van circa 1 miljoen euro. De reserve op gewenst niveau brengen zou met de huidige verdeling nog jaren duren. 

Tot slot roept het amendement op tot voorstellen over een vrijwillig solidariteitsfonds voor afdelingen. Wat het landelijk bestuur betreft is deze oplossing niet robuust genoeg en leidt bovendien nog steeds tot het onnodig aanhouden van geld in reserve.